De kernvoorwaarden
Voor vrijstaande, niet voor bewoning bestemde bijgebouwen (zoals een carport) geldt een vrijstelling als de totale oppervlakte van alle vrijstaande bijgebouwen op het perceel onder 40 m² blijft, de hoogte onder 3,5 meter blijft, en je de afstandsregels tot de perceelsgrenzen respecteert.
In de zijtuin blijf je minstens 3 meter van de grens; in de achtertuin tot op 1 meter, of tegen de grens als je tegen een bestaande scheidingsmuur bouwt die je niet wijzigt. Hemelwater mag niet van het perceel afgevoerd worden.
Carport met berging: tel alles mee
Heb je al een tuinhuis, garage of berging staan, dan telt die mee in de 40 m². Een carport mét geïntegreerde berging telt als één bijgebouw: de volledige voetafdruk, niet alleen de open staanplaats.
Kom je boven de limiet, of wil je hoger of dichter bij de grens bouwen, dan is doorgaans een omgevingsvergunning nodig.
Aangebouwd versus vrijstaand
Sinds 1 maart 2026 zijn bijgebouwen die je vast aan de woning bouwt (aangebouwd) vergunningsplichtig, ook als ze vroeger onder een melding vielen. Een vrijstaande carport volgt nog de vrijstellingsregels hierboven.
Twijfel je of jouw ontwerp vrijstaand of aangebouwd is? Dat hangt af van de constructieve aansluiting op de woning. We bekijken het mee tijdens het plaatsbezoek; de gemeente heeft het laatste woord.
Hoe WoPa helpt
Bij het opmeten toetsen we of je binnen de vrijstelling blijft en stemmen we het ontwerp daarop af als dat jouw voorkeur is. Zo voorkom je dat een te grote of te hoge carport je onnodig in een vergunningstraject duwt.